dinsdag 24 juni 2008

Inti Raymi


Vandaag, 24 Juni, was het Inti Raymi ´festival van de zon´ feest in Cusco. Inti Raymi is het belangrijkste evenement in de regio Cusco dat nog uit de tijd van de Inca´s stamt.
Inti Ramyi is een eerbetoon aan de god Inti, luidt het nieuwe jaar van de Andes in en het markeert het winterpunt (de korste dag).
Het jaar 1535 was de laatste keer dat het feest werd bijgewoond door een Inca keizer, waarna het werd onderdrukt door de Spaanse heerschappij en de Katholieke kerk. Nadat enkele jaren nog kleine ceremonies werden gehouden, werd het in 1572 een officieel verboden festival.

Bijna 400 jaar later, in 1944, werd het feest weer tot leven geroepen in de vorm van een historische reconstructie met acteurs door Faustino Espinoza Navarro. Sindsdien wordt het jaarlijks gevierd in de ruines van Saqsaywaman, en het trekt vele toeristen en lokale mensen.

Vooral dat laatste heeft de dag vandaag bepaald, de dag waarvoor ik vrij heb genomen van mijn project en naar Cusco ben gekomen. Pinkpop was er niks bij; er waren echt belachelijk veel mensen. De ceremonie vond plaats op een groot grasveld tussen de ruines, met in het midden een goedkoop houten podium waar stenen op waren geschilderd. Daaromheen waren tribunes waar de rijke toeristen zaten, en die allemaal 90 dollar moesten neerleggen. Voor de rest van het volk en de toeristen was het gratis, wat zoveel wil zeggen dat alle heuvels met zicht op de ceremonie helemaal vol zaten. Tussen een handjevol roodverbrande toeristen, een peruaanse familie die een heerlijk ruikende pan vlees en aardappelen met rijst had meegenomen, zat ik zes uur lang in de met stof vermengde stenen wat koekjes en Inka Kola (belachelijk zoete en ongezonde gifgroene frisdrank) te verteren, terwijl ik in de verte op het podium wat gekleurde figuurtjes zag dansen.

Van de ceremonie heb ik uiteindelijk weinig meegekregen, maar ik heb toch een erg leuke dag gehad met de mensen met wie ik erheen was. Hoogtepuntje was toen een enorme menigte mensen zich door een horde politie heenbeukte en een grote heuvel met ruines (waar het verboden was op te zitten, dit jaar voor het eerst) boven het podium bezette. Wij zaten op de heuvel ertegenover en dat was een stuk spectaculairder dan het slachten van een lama, wat er erg nep uitzag en ik dus zeer betwijfel hoe echt dat was, waarmee de ceremonie werd beeindigt.

woensdag 18 juni 2008

El Boleto Turistico en een Hoop Oude Stenen



Er zijn een aantal dingen in Cusco waar je als gringo onmogelijk aan ontkomt; oude vrouwen die je mutsen en truien van alpaca wol willen verkopen (die ik uiteraard allebei al bezit), jonge vrouwen die je op elke hoek van elke straat massages aanbieden, tientallen kunstenaars die je allemaal dezelfde tekeningen aanbieden, in één straat twintig keer achter elkaar cocaine en wiet aangeboden krijgen, maar bovenal zul je niet ontkomen aan het kopen van een Boleto Turistico.

Het Boleto Turistico is een entree kaartje voor zo ongevoor alle plekken met oude stenen rondom Cusco. Zonder dit kaartje kom je eigenlijk nergens binnen. Je kunt ermee naar de ruines van Saqsaywaman, Pisac, Ollantaytambo, Chinchero, Tipon en nog een aantal andere plekken en musea.
Afgelopen zaterdag heb ik de ruines van Saqsaywaman bezocht, die op een heuvel boven Cusco liggen, en een mooi uitzicht over de stad geven. De ruines zelf vond ik hier niet echt heel speciaal, buiten het feit dat het echt ongelovelijk is hoe duizenden stenen van gemiddeld een kubieke meter zo precies uitgehakt en opgestapeld zijn. Ik heb hier wel lekker zitten tekenen, en daarna een mooie wandeling door een stuk bos en over een oud inka pad terug naar de stad gemaakt.
Wat deze dag wel een heel leuk einde gaf waren de twee uur die ik tegen zonsondergang heb doorgebracht op de plaza voor de San Cristobal kerk, ook met uitzicht over de stad. Ik kom daar regelmatig om te lezen of gewoon te genieten van het uitzicht.
Op dit pleintje zitten dagelijks vrouwen in traditionele klederdracht te werken en te verkopen, en hun kinderen lopen er net zo mooi bij met hun lama´s en vragen half gehersenspoeld aan iedereen die er niet Peruaans uitziet ´take a picture, un sol, un foto´. Tussen deze mensen en de toeristen lijkt een dikke denkbeeldige muur te staan, zoals de maskers wat ik in het eerste bericht noemde.
Maar juist met deze mensen had ik een erg leuke ervaring; Ik had de dag ervoor een gesprek gehad met een vrouw die op dat plein haar handwerk aan het verkopen was, en ze had een erg mooie muts te koop, maar zwerver die ik ben had niks bij om het te kopen, dus ik had met haar afgesproken dat ik de volgende dag terug zou komen op de muts te kopen. Ze was ongeveer uurtje te laat dan de afgesproken tijd (heel normaal hier), dus ik ging mijn tekening afmaken van Saqsaywaman, en ik zag de kinderen al nieuwschierig kijken wat ik aan het doen was, maar ze bleven op een afstand.
Toen de vrouw kwam en ze bij me kwam zitten en we weer een leuk gesprekje hadden, ze heeft me wat Quechua geleerd en verteld over de inka cultuur, kwamen de kinderen meteen erbij staan, en allemaal natuurlijk giechelen om mijn prachtige Spaans. Nadat ik de muts had gekocht en de vrouw weer wegging, had ik papier en potloden aan de kinderen uitgedeeld en toen hadden ze een paar prachtige tekeningen voor me gemaakt, met de groeten aan al mijn vrienden in nederland: Para Ronald y todos sus amigos que estan saludos de Cusco, tu amiga Leonor. Een vrij hartverwarmende namiddag dus.

Maar weer terug naar de stenen. Voor zondag had een ik dagje geboekt om de heilige vallei te bezoeken, met de ruines van Pisac, Ollantaytambo en Chinchero. Naast het feit dat de ruines erg mooi waren en allemaal prachtig gelegen in de bergen, was het eigenlijk verschrikkelijk. Ik had namelijk van tevoren moeten informeren naar deze dag, dan had ik geweten dat ALLE gringos op zondag eropuitrekken in toeristenbussen. Dat wil zeggen dat ik in Ollantaytambo in de file stond op de oude inkatrappen tussen de ruines, omsingeld door flitsende cameras en ontzettend veel irritante Amerikanen. In Pisac was het wel relatief rustig, en dit vond ik ooit de mooiste plek van de dag, heel mooi gelegen op een bergtop.
We sloten de dag af in Chinchero, na vanuit de bus een prachtige zonsondergang over de besneeuwde bergtoppen gezien te hebben. Chinchero was niet heel interessant, het was al donker bij aankomst, en er waren alleen nog een honderdtal mensen op het pleintje voor de kerk hun waren aan het verkopen. Een redelijk triest aanzicht moet ik zeggen, want deze mensen leven echt in dienst voor de toeristen, wat mij iets te veel aan de nare geschiedenis van Peru doet denken, waar ze al 500 jaar ondergeschikt aan de blanken leven.

Vandaag heb ik tenslotte de ruines van Tipon bezocht, samen met Doro, die ook op de spaanse school zit. We hadden de plek eigenlijk voor onszelf, want er waren maar een handjevol andere mensen. Het was echt erg mooi, wederom heel mooi in de natuur gelegen, en er was een indrukwekkend canalen systeem dat tussen de terassen op de berghelling liep. We hebben de berg die boven de ruines uitsteekt nog halfverwege beklommen, vanwaar we een prachtig uitzicht hadden over de ruines en de vallei.
Ten slotte hebben we in het mooie dorpje Tipon, een landbouwers dorpje in een uitzonderlijk groene omgeving, de befaame Cuy (hamster) gegeten. Dat gebakken beestje ziet er luguber uit, met het hoofd inclusief tanden en pootjes inclusief nagels er nog aan, maar smaakte prima.

Vrijdag bezoek ik het archeologische hoogtepuntje Moray, na mijn laatste les spaans. En dan maandag begin ik al met werken in het project in Caicay.

maandag 9 juni 2008

Kennismaking met de Nieuwe Wereld


In alle reisboeken over Zuid Amerika wordt maar al te graag de term "nieuwe wereld" aangehaald. Maar ik moet zeggen dat ik niet anders kan dan ook die term te gebruiken, want het is echt in alle opzichten een andere, nieuwe wereld hier in Peru.
Wie hier is geweest, zal herkennen dat het eerste wat je hier overweldigt de afmetingen van alles is. De verhouding tussen mens en omgeving is hier bizar. Mijn ontmoeting met Lima was een hele korte van slechts een paar uur, maar de indruk die de stad van 10 miljoen mensen achterliet is blijvend. Vanuit de taxi zag ik niks anders dan mensen en eindeloze avenues vol met huizen en winkels. Maar laat ik niet teveel woorden aan Lima vuil maken, want die gebruik ik liever om te vertellen hoe ongelovelijk mooi het hier in Cusco is!
De eerste kennismaking met de Andes was meteen in het vliegtuig van Lima naar Cusco. Ik heb denk ik de hele vlucht met mond open, een draadje slijm en ongeloof uit het raam zitten staren naar de eindeloze massa bergen die door de zonsopgang werden verlicht. En na maanden achtereen achter mijn computertje in het kantoor via google earth naar de Andes te kijken, was het prachtig en raar om er eindelijk middenin te zitten.

Over Cusco kan ik tegenlijk heel veel en weinig vertellen. Ik heb niks om het mee te vergelijken, maar ik denk dat ik rustig kan zeggen dat dit een van de mooiste steden in Zuid Amerika moet zijn. Midden in een grote vallei in de bergen ligt de stad met oude smalle steegjes, gigantische barokke kathedralen, Inca muren, lama´s en hordes toeristen. Die laatste laat ik liever buiten beschouwing, maar dat is moeilijk hier. En hoeveel ik ook erover wil vertellen, ik denk dat ik dat liever tot over een weekje of 2 bewaar, want ik zou nu uit euforie de woorden fantastisch en geweldig teveel gebruiken. Ik laat de overweldiging even inzinken.
De eerste 2 dagen heb ik hier vrij weinig gedaan, wat een vereiste is eigenlijk, om te kunnen wennen aan de hoogte van 3500 meter. Wat ik wel meteen ben gaan doen, is het drinken van Coca thee en het kouwen van de bladeren, waardoor ik nergens last van heb. En ook nu ik dit schrijf, zit er een dikke prop Coca onder mijn wang!

Het laatste wat ik in dit berichtje nog zal vertellen is iets over Pisac. Gister heb ik mijn eerste uitstapje gemaakt, naar de markt van Pisac. Dat is een (nog) authentiek dorpje op ongeveer een uurtje met de bus buiten Cusco. Bij aankomst viel wederom mijn mond open, vergezeld met het draadje slijm. In Cusco zijn de bergen relatief ver weg, maar dit dorpje ligt er middenin. Hier was eigenlijk de echte kennismaking met de Peruaanse cultuur. De markt was voor de helft bezet met de verkoop van fruit en ander eten, en voor de andere helft met handwerk, wat uiteraard wel weer de nodige toeristen aantrok. Dat neemt niet weg dat het echt prachtig was om alle mensen hier bezig te zien, en de kleden en tassen en ontelbaar veel spullen die ze verkochten.

Om af te sluiten kan ik ondanks dat ik hier zo kort ben een ding met zekerheid zeggen: Hier in dit geweldige land leven veel mensen achter een masker voor de toeristen, maar het is niet te ontkennen dat door die maskers heen een sterke straal authentieke peruaanse schoonheid schijnt. Ik hoop dat ik deze cultuur in de komende 2 maanden zal leren kennen, en de maskers mag afnemen.